Monthly Archives: september 2006

4,996,150.-

4,996,150.-

Vier miljoen negenhonderdzesennegentig duizend en honderdenvijftig euro (4,996,150.-). Het waren een paar uurtjes keihard overwerken maar op tijd hadden we de fondsaanvraag 2009 & 2010 ingediend! En…. deze is voor 100% toegewezen. Ik hoorde het vorige week al in Parijs, maar nu ik weer op kantoor ben, toch goed om er even bij stil te staan.

De helft van alle aanvragen is door het ministerie van Buitenlandse Zaken afgewezen, een een groot deel is slechts deels toegekend.

Maar onze basissubsidie is volledig veiliggesteld. Dit betekent dat de organisatie waarvoor ik werk tot tenminste 2011 kan werken aan het verbeteren van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten voor jongeren, in ontwikkelingslanden.

Naamloos

Naamloos

Eerst kwam Guust. Het was 1995, ik woonde samen met mijn ex en op de een of andere dag bracht ik hem mee. Een half verwilderde en derdehands fret. Bruin, met witte teentjes, halfrode oogjes. Hij had zijn hobby gemaakt in het ‘de trap op- en afjagen’ van de ultiem dikke Golden Retrievers van de moeder van mijn ex die boven ons woonde. Bijzonder amusant, vond ik dat, natuurlijk, in tegenstelling tot de andere bewoners van dat huis. Op een dag stond de voordeur open. Ik heb Guust nooit meer terug gezien.

In 1996 kwam Rommel. Hij was zes weken en dus te vroeg bij zijn moeder weg. Misschien dat hij er daarom wel zo heilig van overtuigd was dat hij ook een mens was. Of ik een fret. In ieder geval was ik zijn mama. Dat vond hij, daar viel niet aan te toornen. En dat vond ik ook. Overal ging ie mee naar toe, onder mijn jas van konijnenbont. Als ik ‘m neerzette liep hij gewoon achter mij aan. Of twee meter voor mij uit. Het was het liefste en slimste diertje dat ik ooit heb meegemaakt. Een jaar later stond de voordeur open en kwam hij niet meer thuis. Ik vond hem terug in het asiel. Hij begon te krijsen toen hij mij zag en ik barstte in tranen uit.

Daar vond ik ook Poembaa. Poemabaa was vals, volgens de asiel-eigenaar. Toen ik vroeg of zijn hok open mocht begon hij meteen met mij te spelen.. Ik keek m aan en dacht: “jij bent niet vals, jij bent mishandeld.” En zo nam ik hem mee naar huis. Nadat hij drie weken non stop mijn huis had doorgerend en bij de kleinste onverwachte beweging van mij in elkaar kromp begon hij te begrijpen dat ik hem echt niets kwaad deed, noch ging doen. En dat hij niet in een kooi hoefde te leven, maar dat hij gewoon in zijn mandje mocht slapen. Poembaa was de nederigste en meest dankbare fret die ik ooit gekend heb.

Rommel en Poembaa werden dikke maatjes en kropen altijd bij mij in bed, vonden ze leuker dan het mandje en sliepen tegen mijn voeten. Rommel snurkte. Poembaa niet. Vanaf dat moment had ik bijna altijd twee fretten onder mijn jas.

Ondertussen waren mijn ouders met het virus en was Rufus in hun leven gekomen. Rufus was dol op tenen bijten en kon als geen ander in bomen klimmen. Niet een eigenschap die je snel bij een fret verwacht. Hij jatte altijd de vetbolletjes voor de vogels uit de boom. En zelfs boven op het keukenkastje (don’t ask how) waren de bolltjes niet veilig.

Ik maakte het uit mijn ex, ookal woonden we allang niet meer samen en hij wilde Rommel en Poembaa. Mooi niet dat hij ze kreeg. Ik kocht een vrouwtje voor hem. Een dag later kreeg ik ‘het kreng’ terug. Daarmee was ik natuurlijk dolgelukkig.
Jasmijn werd het vriendinnetje van Rufus. Jasmijn was als de storm, altijd aan het rennen. BontJas, werd haar bijnaam vanwege haar prachtige vacht.

Jasmijn koos tot wanhoop van mijn vader stelselmatig een van zijn bureaula’s uit om in te slapen. Pennen eruit, zij er in. Vond zij. Vond papa niet. Maar natuurlijk won ze het gevecht, want op een goede dag lagen er geen pennen meer in, maar wel een dekentje. Voor de rest had Jasmijn een voorliefde voor het stelen en verplaatsen van schuursponsjes.

Rufus overleed als eerste van de vier. Ik bracht Poemabaa en Rommel vaak over en dan rolden ze met Jasmijn de hele tuin door. Rommel kreeg een longonsteking waarvan hij nooit herstelde. Ik rookte nooit binnen, want Rommel had al astma. Mijn frettenkindjes verhuisden naar Jasmijn en mijn ouders, die zelf al gepensioneerd, de oude dag van de knuffels gingen verzorgen. En na een tijdje verhuisde ik met de ukjes mee.

Rommel overleed in mijn armen, een week voordat ik weer op mijzelf zou gaan wonen en ik bijna een jaar bij mijn ouders had gewoond. Poembaa -volledig dement- overleed bijna twee jaar later een uur voordat ik het huis van mijn ouders binnen stapte.

Jasmijn vereenzaamde en fleurde weer helemaal op toen Oberon kwam. Oberon is echt de grootste goedzak die er is. Dat beestje is echt goudeerlijk. Oberon rent altijd naar mijn moeder, als er iets is.

Jasmijn is een klein jaar geleden, op bijna 9-jarige leeftijd ingeslapen. Het was de eerste keer, dat ik mijn vader heb zien huilen. En vanaf dat moment, eet Oberon geen brokjes meer, maar wordt hij moeizaam elke dag met pap gevoerd.

Maar ineens is ze daar: Naamloos. Een prachtig wildkleur fretje, een vrouwtje. Veertien weken oud. En Oberon? Die durft de trap niet meer af te komen, die vind de nieuwe fret echt doodeng. Ik durf te wedden dat ze binnen twee weken samen liggen te slapen :-) . Ik ga maar snel weer langs. Eens kijken welke naam nu bij dit nieuwe karaktertje past…

Ik ben weer thuis, overigens. Brussel was echt slaapverwekkend…

Over hotelkamers

Over hotelkamers

Zojuist aangekomen in Brussel, na even thuis te zijn geweest. Niet logisch, gezien ik uit Parijs kwam, maar wel fijn. Brussel,  ik ben hier echt te vaak. Ik heb een meeting over Europese advocacy.

Gelukkig is mijn hotelkamer wel 10x beter dan in Parijs. Dat ding stond echt in mijn top 3 slechtste kamers ever. Vies, kussens met veren en dan de wijk. Zoals MdM heel trots zei: “onze mobiele kliniek (voor spuitomruil) stopt hier 200 m vandaan”. (e 57 p.n.)

Nummer 1 allertijden was toch wel het hostel near Central Park in NY. J. en ik hadden een weekje vakantie en na 1 nacht hadden we het daar toch wel helemaal gehad.Terwijl het buiten sneeuwde was het binnen 45 graden en kon geen raam open. En dan die enorme zweetvoetenlucht… ik kan er nog weeig van worden. (e 35 p.n.)

Mijn mooiste hotelkamer: Bangkok. Alles van zijde met hout, een badpaleis en overal getinte spiegels. s’Ochtends deden ze de luiken open en legden ze alle kussens op het bed. s’Avonds haalden ze de kussens eraf en deden ze de luiken dicht. Fruit en bloemen in overvloed. Fabuleus. Kosten: e 284 per nacht (en dat in Thailand).

Hotel met vreemde voorwerpen:
Toronto. Naast de gewone bijbel in het nachtkastje, het boek der Mormonen. (CAN 159 p.n)

Meest gesloopte hotel: New York. J. en Liza gaven een afscheidfeestje, iedereen moest traditioneel koken. Ik had eh… stampot gemaakt. De rest nam drank uit het land mee. Vliegen met een kater is beroerd overigens. Om drie uur s’ochtends waren we bijna door de politie er uit gezet. Was toen onderweg voor mijn vrijwilligerswerk. (USD 150 p.n.)

Hotel met meest onvriendelijk personeel: Bohol, Filipijnen. Gut gut, wat waren ze chag. Een beetje gestresst zeker door al die Aziatische ministers die er rondliepen. (Peso 6000 p.n)

Hotel met mooiste uitzicht: Eilat, Israël. De Rode Zee, Israël, Egypte, Jordanië, de bergen. Alles in één…

Meest romantische hotel. India. Offeh.. Barcelona… Offe… Offe… ;-)

Ik ga slapen. Huidige prijs per nacht: e 200. Niet onaardig. Standaard ingericht maar tenminste geen lelijke nep-schilderijtjes aan de muur.

Tot over 4 dagen!

Thirza-du-Monde?

Thirza-du-Monde?

Met uitzicht op de Sacre Coeur, genietend van mijn baquette fromage et café noir overdenk ik de afgelopen drie dagen. Ik zit in Parijs, maar ben een keertje niet voor mijn huidige werkgever onderweg. Ik was bij een 3-daagse pre-departure training voor expats, georganiseerd door Médecins du Monde, oftewel Dokters van de Wereld. Ik ben gevraagd voor een tweetal projecten. De eerste en denk ik meest interessante is het leiden van drie blijf-van-mijn-lijf-huizen voor misbruikte en mishandelde vrouwen, in Pakistan. De tweede houd ik nog even voor mijzelf. De beslissing -emigreren of niet- komt steeds dichterbij.

Landscaping een docu over feminisme starring Thirza

Landscaping een docu over feminisme starring Thirza

Vanmiddag de alweer de tweede documentaire met daarin Thirza voor het eerst gezien! In de winter volgden Valentina Homem en Angela Collet mij. Ik had ze een jaar eerder in New York leren kennen tijdens de UNCSW (United Nations Commission on the Status of Women) waar ik samen met nog wat andere Pro-Choice-ers (en natuurlijk J.) keihard de oppositie de tent had uitgevochten. (Laat die vrouwenrechten maar aan ons over, haha).

Zij vroegen mij toen voor de camera mijn visie op feminisme te geven, voor hun documentaire “feminists: speak up!”.
Ik zei toen: “I am a feminist now for three months. There I was, working on sexual and reproductive rights for over a year, but never considered myself a feminist. But than somebody told me: ‘a feminist is someone who says no to suppression!’. Well, if that is the definition, than I am definitely a feminist’. Natuurlijk werd ik de uitsmijter van de film. Was wel leuk, want ik heb de lancering ervan meegemaakt in Bangkok. Nooit geweten dat ik een hele zaal plat van het lachen kon krijgen. Vanaf dat moment was mijn status gegarandeerd, hahaha ;-) .

In het tweede deel (Landscaping) staan de levens van vier feministes centraal:
- een vrouw uit India
- een vrouw uit Brazilie
- een man uit een Latin-American country
- dit gupje uit Nederland
De documentaire duurt ca 35 minuten.

Ik heb twee dingen geleerd:
- ik moet mijn haar wat vaker kammen
- ik moet wat meer make-up op, zeker als ik snip-verkouden gefilmd word (ik zie er een beetje ingevallen, moe en wit uit)

Afgezien van mijn gekrenkte trots over mijn schoonheid is het resultaat is geweldig! Zelf vertel ik over mijn werk bij de VN, het belang van zeggenschap over je eigen lichaam, en mijn inzet in de locale politiek in mijn stadsdeel Amsterdam Geuzenveld.

De vrouw uit India spreekt over haar inzet tegen politiegeweld. Uit Brazilië, tja.. Sonia heeft daar de eerste vrouwenrechtorganisatie gesticht, dusse…
De man spreekt over hoe belangrijk feminisme en de afbraak van de masculine wereld voor hem is, maar ook over het verzet van sommige vrouwen tegen zijn aanwezigheid, gewoon omdat hij een man is (het feminisme loopt soms nog een beetje achter in de wereld).

De film heeft al gedraaid op een internationaal filmfestival, en is de aankomende week te zien op een groot film festival in Spanje. En zo toert ie nog wel even rond. De recensies zijn erg positief! Te gek.

Ik ga pakken, morgenochtend (heel vroeg) vertrek ik naar Parijs. En ik ben net pas thuis van werk.

Eventjes stuk

Eventjes stuk

“Nee, Thirz, ik wil het niet meer horen. Net toen je sprak toen had ik het al zo koud… IJskoud…Thirz, Thirz, Thirz, hoe kan je dit vertellen?” Ik hing met D. aan de lijn, terwijl ik haar vertelde wat ik allemaal in de Filipijnen had gezien.
Ineens huilde mijn hart en kon ik niet meer zeggen: “Het is mijn werk?”
Vanavond reflecteer ik, kijk ik terug en ga ik even stuk. Ik denk terug terug en komt alles boven: hij, zij, hunnie, als individu. Niet meer als onderwerp van kijken, observeren, als onderwerp van internationale aanbevelingen, maar als mens, als kind. Als misbruikt persoon, vast tussen honger en overleven, en dat met zoveel trots.

De hele reis naar de Filipijnen heb ik met professionaliteit bekeken. Slachtoffer, wat nou? Gewoon overleven… Met respect. Met liefde. Met warmte. Met afschuw naar de te grote markt, de enorme en niet te stuiten markt, die schijnbaar het liefst kindjes neukt, of misbruikt in het huishouden. Of naar het gebrek in wetgeving, waardoor je als ouder je kind kan doodslaan en daarna rustig begraven, zonder dat iemand zich daar wettelijk druk om maakt..

Een kindje. Minder dan tien euro. Of voor een paraplu als het regent. Of… Eh… voor wat jij ook maar wilt zolang ik het ook maar wil. En dat, dat, ja dat, dat zijn je mensenrechten, die rechten waar jij zo hard voor vecht. En ik ook. Ik geloof niet dat ik vanavond er nog iets van begrijp, noch morgen, noch de dag erna…

Weer thuis

Weer thuis

Net gearriveerd na een directe vlucht van 14 uur. Ik baal. Gisternacht was mijn interne vlucht zo vertraagd dat ik pas om half vier in mijn hotel was. En om zeven uur moest ik alweer weg om mijn vlucht te halen. Het was een duur bad, om het zo maar te zeggen, maar wel fijn.

Gelukkig had Melo nog een spoedoperatie dus lag het niet alleen aan mij dat we elkaar niet meer konden zien. Minder leuk was dat ik mijn vlucht niet meer kon verzetten: als ik vanochtend niet ging, dan kon ik pas op zijn vroegst weer de 11e vertrekken. En ik moet woe alweer in Brussel zijn…

“Damn.. I really hate ds feelng. Cnt u jz jump out f d plane?” Haha, hij text zelfs zoals ie praat :-) . Toen ik dat smsje las realiseerde ik mij het: ik ben verliefd. Grrr… Ik weet het altijd wel lekker uit te kiezen, maar ach… ook dit gaat wel weer voorbij…

Nemo is gevonden en ik wil niet weg!

Nemo is gevonden en ik wil niet weg!

Vanavond heb ik een afspraakje met Melo. Melo is de 29-jarige stotterende dokter die in San Jose heb ontmoet. Hij is nu even in Manilla. Gelukkig maar dat hij eerst nog een operatie heeft en we elkaar pas rond laat kunnen zien, want ik zit met zware vertraging op het vliegveld van Cebu. Mijn oorspronkelijke vlucht is geannuleerd… Ik word overgeboekt. Maarre.. euh.. eh… wanneer? Enne.. Al hadden ze mij dat nou wat eerder verteld…

Drie dagen geleden ben ik in dezelfde stad aangekomen. Cebu ligt in het arme gebied Visayans en staat bekend als de haven waar verhandelde kindjes worden doorgevoerd.

Na een avond een avond te zijn geweest zijn Bob, de directeur van de organisatie die ik heb bezocht en ik samen met de ferry naar Bohol gegaan. Bohol is een soortenarme van Bounty-reclame eiland. White sands, prachtige kleuren blauw water, strak blauwe zon. We verbleven in een resort waar tegelijkertijd de Aziatische Ministers van Agriculture hun bijeenkomst hielden. Een leuke plek dus voor een workshop.

Allemaal grassroots organisaties werkend op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid namen deel. Dappere mensen, gezien de enorme taboe die op dit onderwerp hier ligt en de bijzonder sterke oppositie van de Katholieke kerk (Abortus is hier bijvoorbeeld niet toegestaan, zelfs niet wanneer de zwangerschap een gevolg is van incest of verkrachting… Seksuele voorlichting bestaat niet in officiële settings.)

Ik heb een deel gefaciliteerd, een presentatie over onze organisatie gegeven, met EU-mensen gesproken. En de dag erna, nadat ik een deel van de workshops had meegemaakt (we moesten een liedje schrijven over het onderwerp, hihi, onze groep won met stip hahaha), ben ik er samen met een bekende Filipijnse journaliste tussenuit gesneakt (wat een tof wijf!) en zijn we… gaan snorkelen. Nou, ik weet waar ie is hoor: Nemo. Prachtig die Clownfishes tussen annemonen. Ik ben het rif afgesnorkeld en heb toen een paar duiken naar het koraal ondernomen. Helaas heb ik last van mijn oor anders zou ik met volledige uitrusting zijn gaan duiken.

Daarna ‘s avonds nog met de wrap-up’s meegedaan, afspraken over vervolg acties gemaakt. Vanochtend met de workshopgangers het eiland Bohol bekeken. We zijn eerst de Tarsiers gaan aaien. Whaaaaaaaaaaaa…. dit zijn echt de meest aandoenlijke beestjes die ik sinds een lange tijd gezien heb. En als ze een krekel eten. Gewoon, hun expressie van ultiem genot (smikkel smikkel) en wat zijn ze zacht… Deze kleine primaten zijn niet groter dan mijn hand.

Daarna zijn we de Chocolate hills gaan bekijken, een UNESCO beschermd natuurgebied. Tot slot hebben we gegeten op een drijvend restaurant (en ben ik na het eten de rivier ingeplonsd). Ik moest eerder weg, om mijn geannuleerde vlucht te halen. Mijn Filipijnse hosten en de deelnemers van de workshop begonnen toen ik mijn vertrek aankondigde luidkeels een afscheidslied en ‘god bless you’ te zingen. Het is heel bijzonder. Ik werd enorm gewaardeerd voor mijn inzet voor het onderwerp, mijn persoonlijkheid, maar vooral voor mijn anti-arrogantie. Als zij zongen, zong ik mee. Als zij dansten, danste ik mee. Ik was niet die arrogante westerling, maar onderdeel van de groep. De waardering hiervoor maakte mij verlegen. We zijn toch allemaal hetzelfde: mens? Ongeacht waar we wonen of vandaan komen? Maar toch heb ik de Filipijnen en haar bewoners, ondanks haar tegenstellingen en keiharde kant in mijn hart gesloten.

Ik ga kijken of ik mijn vlucht naar Amsterdam kan verzetten naar maandagochtend, dus met een dag. Het wordt anders een te korte nacht en te hectisch. Na drie weken bijna non-stop werken, van de ene kant van de wereld naar de andere kant reizen, interne vluchten, vergaderingen, en elke minuut vrij volplempen met bezichtigingen ben ik echt keimoe…

Nemo is gevonden en ik wil niet weg!

Nemo is gevonden en ik wil niet weg!

Vanavond heb ik een afspraakje met Melo. Melo is de 29-jarige stotterende dokter die in San Jose heb ontmoet. Hij is nu even in Manilla. Gelukkig maar dat hij eerst nog een operatie heeft en we elkaar pas rond laat kunnen zien, want ik zit met zware vertraging op het vliegveld van Cebu. Mijn oorspronkelijke vlucht is geannuleerd… Ik word overgeboekt. Maarre.. euh.. eh… wanneer? Enne.. Al hadden ze mij dat nou wat eerder verteld…

Drie dagen geleden ben ik in dezelfde stad aangekomen. Cebu ligt in het arme gebied Visayans en staat bekend als de haven waar verhandelde kindjes worden doorgevoerd.

Na een avond een avond te zijn geweest zijn Bob, de directeur van de organisatie die ik heb bezocht en ik samen met de ferry naar Bohol gegaan. Bohol is een soortenarme van Bounty-reclame eiland. White sands, prachtige kleuren blauw water, strak blauwe zon. We verbleven in een resort waar tegelijkertijd de Aziatische Ministers van Agriculture hun bijeenkomst hielden. Een leuke plek dus voor een workshop.

Allemaal grassroots organisaties werkend op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid namen deel. Dappere mensen, gezien de enorme taboe die op dit onderwerp hier ligt en de bijzonder sterke oppositie van de Katholieke kerk (Abortus is hier bijvoorbeeld niet toegestaan, zelfs niet wanneer de zwangerschap een gevolg is van incest of verkrachting… Seksuele voorlichting bestaat niet in officiële settings.)

Ik heb een deel gefaciliteerd, een presentatie over onze organisatie gegeven, met EU-mensen gesproken. En de dag erna, nadat ik een deel van de workshops had meegemaakt (we moesten een liedje schrijven over het onderwerp, hihi, onze groep won met stip hahaha), ben ik er samen met een bekende Filipijnse journaliste tussenuit gesneakt (wat een tof wijf!) en zijn we… gaan snorkelen. Nou, ik weet waar ie is hoor: Nemo. Prachtig die Clownfishes tussen annemonen. Ik ben het rif afgesnorkeld en heb toen een paar duiken naar het koraal ondernomen. Helaas heb ik last van mijn oor anders zou ik met volledige uitrusting zijn gaan duiken.

Daarna ‘s avonds nog met de wrap-up’s meegedaan, afspraken over vervolg acties gemaakt. Vanochtend met de workshopgangers het eiland Bohol bekeken. We zijn eerst de Tarsiers gaan aaien. Whaaaaaaaaaaaa…. dit zijn echt de meest aandoenlijke beestjes die ik sinds een lange tijd gezien heb. En als ze een krekel eten. Gewoon, hun expressie van ultiem genot (smikkel smikkel) en wat zijn ze zacht… Deze kleine primaten zijn niet groter dan mijn hand.

Daarna zijn we de Chocolate hills gaan bekijken, een UNESCO beschermd natuurgebied. Tot slot hebben we gegeten op een drijvend restaurant (en ben ik na het eten de rivier ingeplonsd). Ik moest eerder weg, om mijn geannuleerde vlucht te halen. Mijn Filipijnse hosten en de deelnemers van de workshop begonnen toen ik mijn vertrek aankondigde luidkeels een afscheidslied en ‘god bless you’ te zingen. Het is heel bijzonder. Ik werd enorm gewaardeerd voor mijn inzet voor het onderwerp, mijn persoonlijkheid, maar vooral voor mijn anti-arrogantie. Als zij zongen, zong ik mee. Als zij dansten, danste ik mee. Ik was niet die arrogante westerling, maar onderdeel van de groep. De waardering hiervoor maakte mij verlegen. We zijn toch allemaal hetzelfde: mens? Ongeacht waar we wonen of vandaan komen? Maar toch heb ik de Filipijnen en haar bewoners, ondanks haar tegenstellingen en keiharde kant in mijn hart gesloten.

Ik ga kijken of ik mijn vlucht naar Amsterdam kan verzetten naar maandagochtend, dus met een dag. Het wordt anders een te korte nacht en te hectisch. Na drie weken bijna non-stop werken, van de ene kant van de wereld naar de andere kant reizen, interne vluchten, vergaderingen, en elke minuut vrij volplempen met bezichtigingen ben ik echt keimoe…