Monthly Archives: april 2009

Scriptie

Scriptie

Vanmiddag had ik een gesprek over mijn scriptie op het Centrum van Milieurecht aan de UvA. Ja, na jaren van treuzelen en uitstellen is het mij gelukt daadwerkelijk iets zinnigs op papier te zetten. Waarom ik dat toch niet al minstens vier jaar eerder heb gedaan…

“Niet ontvankelijk, niet ontvankelijk,” buldert mijn docent bij wijze van begroeting, zodra hij mij de trap die naar het G-gebouw leidt, waar het CvM gevestigd is, ziet afdenderen. Ik ben ruim vijf minuten te laat.
“Maar mijn termijnoverschrijding is verschoonbaar,” sputter ik terug tegen mijn met stip op één favoriete docent, terwijl ik zijn kamer binnenloop. Stapels met boeken en nog meer paperassen kenmerken zijn kamer, die hij schijnt te delen met een collega. Waar die dan moet zitten is mij altijd een raadsel.

“Nou, laat maar horen,” zegt hij streng. “En je weet het hè, de meeste noemen wij smoezen.”
“Eén van mijn vissen heeft nesteldrang,” begin ik mijn betoog. “En door haar nesteldrang is ze begonnen met het afslachten van mijn andere vissen.”
“Oei,” zegt hij begripvol. “Wat voor vissen?”
“Kempvissen en guppies,” antwoord ik. “Misschien op voorhand al niet zo een goede combinatie. Maar goed. Ik heb daarom mijn overgebleven guppies in de saladebak gedaan. Vandaag ben ik eerst gaan kijken bij de Kringloopwinkel. Ik dacht: misschien kan ik daar een tweedehands aquariumpje vinden. Ze kunnen natuurlijk niet in mijn saladebak blijven wonen.”
“Hm,” murmelt mijn docent, terwijl hij mij inschattend aanstaart. (Behalve dat hij ongeïnteresseerde studenten de materie probeert bij te brengen spendeert hij ook een deel van zijn tijd aan het zijn van bestuursrechter; dat merk je).

“Maar nee hoor, geen aquarium. Wat ik wel vond was een schilderij. Een prachtige vaas bloemen, opgetekend in dikke verf. Ik herken de schilder, ik heb al eerder werken van zijn hand gezien, maar zijn naam is mij ontschoten. Meer dan een net boven middelmatig kunstenaar is hij nooit geworden. Maar wat dit schilderij voor mij zo mooi maakt: het is gedateerd 1944.”
“Waarom maakt dat jaartal het dan voor jou zoveel mooier,” vraagt mijn docent.
“Het verhoogt de symboliek,” antwoord ik. “Wanneer zal het precies geschilderd zijn? Vlak voor de hongerwinter? Het doek is van een Nederlandse schilder, volgens mij zelfs gevestigd in Amsterdam. Om hem heen galmde de oorlog, het leven was één en al doffe ellende. Hij onttrok zich daarvan, misschien juist wel door te schilderen. De bloemen die hij schilderde hebben waarschijnlijk nooit in een vaas voor hem op tafel gestaan. Oranje lelies, goudsbloem, vingerhoedskruid, paarse seringen, lupines, om er een paar te noemen. Misschien schilderde hij ze vanuit zijn herinneringen, of vanuit zijn fantasie, of vanaf een plaatje.”
“Hm,” zegt mijn docent wederom. “Ze hebben de schilderijen van Hitler geveild, las ik.”
“Ja,” zeg ik. “Dat las ik ook. 106.000 euro. Ze hadden hem gewoon moeten aannemen op de kunstacademie van Wenen. Stel je voor dat… Wie weet…” Mijn docent stemt in.
“Dus dat schilderij moest ik eerst even in veiligheid brengen voordat ik deze kant op kon. Dat begrijp je natuurlijk.”
“Ha,” roept hij uit, terwijl hij mij een beetje verbluft aanstaart.
“Geef toe,” zeg ik giechelend. “Hij was beter dan dat de brug open stond.”
We verdiepen ons in de juridische problemen omtrent duurzaam bouwen, het thema van mijn scriptie.

“De Ferdinand Bol staat op instorten he?” zegt hij ineens in een onbewaakt ogenblik.
“Huh?” zeg ik iets verdaasd.
“Ja,” zegt hij. “Dat hoorde ik vanochtend van een van de secretaresses.”
“Wattttt???” roep ik uit. “Ben ik he-le-maal met gevaar voor eigen leven hier naar toe gekomen? Ik ben zojuist nog door de Ferdinand Bol gefietst.”
“Kijk,” roept hij met pretoogjes. “Als je dat meteen had gezegd, dan was je wel direct verschoonbaar geweest.”
Ik schiet in de lach.
“Tja,” zeg ik.

We gaan verder waar we gebleven waren.
“Weet je wat jij moet doen,” zegt mijn docent uiteindelijk concluderend. “Gewoon blijven doorschrijven, zowel je boeken, als je scriptie.” Hij geeft mij nog wat tips ter juridische verbetering mee. Met een grote glimlach loop ik de UvA uit. Terwijl ik nadenk of en hoe ik het schilderij zal laten restaureren continueer ik de jacht op een nieuwe woonruimte voor mijn guppies.

Er waait een nieuwe wind door de VN

Er waait een nieuwe wind door de VN

Gisteren ontving ik van International Women’s Health Coalition een prachtig persbericht in mijn inbox (zie tekst beneden). Amerika heeft zich ein-de-lijk in de VN weer uitgesproken voor seksuele en reproductieve gezondheidszorg en rechten.

Al in 2002, tijdens de World Summit on Sustainable Deveopment – een VN bijeenkomst over duurzame ontwikkelingen- was ik in Johannesburg getuige van de oerconservatieve koers die Amerika onder Bush was gaan varen. De ultra-christelijke lobby deelde de wereld een paar gevoelige tikken uit. In een klap zorgde Amerika er voor met een paar politieke spelletjes, dat het verdrag van Rio (ten aanzien van biodiversiteit) met twintig jaar werd teruggezet in de tijd, terwijl het maar tien jaar oud was. De internationale gemeenschap bleef in diepe shock achter. Deze conferentie werd het startsein van internationaal conservatisme.

Op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten, het vakgebied waarin ik mij later internationaal specialiseerde, was Amerika al helemaal fanatiek. Er mocht alleen nog maar gepraat worden over abstinence, be faithful en condom use only for high risk groups. Onderwerpen als toegang tot veilige abortus, veelomvattende seksuele voorlichting en zelfs de C in het ABC-verhaal verdween van de agenda.  En met het stopzetten van de bijbehorende financiering verstomde het debat. Het waren moeizame maar mooie tijden voor een lobbyist als ik, strijdend voor deze mensenrechten.

Nu, met Obama aan het roer spreekt Amerika zich weer uit op het gebied van seksualiteit in de context van mensenrechten. Het lag in de lijn der verwachting, maar wat een overwinning, wat een feest !

Today, at the United Nations the United States expressed its renewed and deep commitment to the goals and aspirations included in the International Conference on Population Program of Action and Development (ICPD) and the Key Actions of the Millennium Development Goals (MDGs).

“Ladies and Gentlemen, our common task this week is vital. Five years remain in both the ICPD and the MDG mandates. We can, this week, commit to stronger actions to reach our common goals. We must do much more to provide comprehensive, accurate information and education on sexuality, sexual and reproductive health for women, men, girls, and boys as they age and their needs evolve. We must, as well, foster equal partnerships and sharing of responsibilities in all areas of family life, including in sexual and reproductive life, and promote frank discourse on sexuality, including in relation to sexual health and reproduction. We must also acknowledge the direct link between population rates, fertility, and the ability to reach development outcomes

“We need to prioritize comprehensive sexual and reproductive health services, as defined in the Programme of Action and the Key Actions for its further implementation, in our work to strengthen health systems. The cluster of services agreed in the Program of Action is all essential to save women’s lives and protect their health as well as protect their reproductive rights.”

World governments meet this week to consider and come to agreement on committing the resources and political will to protect and promote health and rights in the remaining five years of the ICPD. The United States statement today is part of the Obama Administration’s commitment to work with other nations to both promote its security interests and meet the global challenges of the 21st century.

“It is our hope that the courage of the United States on behalf of the rights and health of the world’s women will influence our governments to act equally strongly,” said Nirvana Gonzalez of the Latin American and Caribbean Women’s Health Network. “The position of the United States is a clear demonstration of the separation of church and state and for our region in particular, this is substantial in supporting the right of all of our people to exercise their citizenship. Now we wait to see their commitment translate into actions.”