Monthly Archives: mei 2009

Wilt u er een plastic tasje bij?

Wilt u er een plastic tasje bij?

Een dametje, stram en gekromd door de ouderdom staat voor mij in de rij bij de groenteboer. Met trillende handen grabbelt zij in haar tas, net zo lang totdat haar handen omklemmen wat ze zoekt.
“Wilt u er een plastic tasje bij?” vraagt de verkoper, terwijl hij het groente en fruit aanslaat op de kassa.
“Nee,” grauwt ze, terwijl ze een linnen tasje op de toonbank zwiept.
“Goed zo mevrouw,” zeg ik bemoedigend. “Zo hoort het.”
“Ik heb verschrikkelijk nieuws gehoord,” brult ze luidkeels.
“Bedoelt u de klimaatverandering?” vraag ik.
“Nee,” antwoordt ze. Langzaam draait zij zich naar mij toe en heft zij haar gezicht omhoog, net zo lang totdat ze mij recht aankijkt.
“Plastic,” zegt ze, na een korte adempauze te hebben genomen.
“Plastic, plastic in de oceanen.”
“Ja,” zucht ik. “Het is verschrikkelijk.

Het is alweer een paar jaar geleden, dat ik over het drijvende eiland las. Ik was bij een VN-conferentie over duurzame ontwikkelingen in Johannesburg. Ik dwaalde door een doolhof opgebouwd uit verroeste koelkasten, rubberen banden, blikjes en lekkende olievaten. Een sample van het afval, verzameld op Antartica, was overgebracht naar Joburg voor een bewustwordingscampagne. Verbetenheid, was wat ik toen voelde. Verbetenheid, om wat aan deze ellende te gaan doen en zo min mogelijk te participeren in dergelijk simplistisch weggooi wangedrag. In het doolhof las ik op een bordje over een eiland dat volledig bestond uit plastic. Het dreef in de Stille Oceaan, precies daar waar alle stromingen samenkwamen. Een paar dagen geleden hoorde ik mijn vader er ook over.
“Ja,” zo groot als Engeland, zei ik toen, mij de tekst op het bordje herinnerend.
“Nee,” viel hij mij in de rede. “Zo groot als de Verenigde Staten.”
Het blijkt nog erger te zijn: de huidige omvang heeft reeds twee keer het oppervlakte van de VS bereikt.

Het intermezzo met de dame in de groenteboer deed mij piekeren. Lang heb ik de generaties voor mij de degradatie van het milieu verweten. Op wat voor stervende aarde was ik eigenlijk neergezet? Wat werd mij achter gelaten? En waarom werd er niets aan gedaan, terwijl de signalen zo duidelijk waren?

Bij het zien van die dame realiseerde ik mij, dat haar ecologische voetprint niet de oorzaak is. Het is namelijk mijn generatie die er de versnelling op heeft gezet. De levensstijl van Louis XIV is voor een ieder de norm geworden. ‘Och, lekker warm,’ is het excuus en ‘het zal allemaal wel loslopen’ de verblinding.

Ja, het recht op consumeren is een massagewoonte, waarvan de verworvenheid met hand en tand door de politiek en industrie verdedigd wordt. Een voorbeeld: mijn scriptie gaat over duurzaam bouwen: één van mijn conclusies is dat de overheid niet verder gaat dan het relatief vrijblijvend opleggen van wat energiebesparende maatregelen. En dat als je je als burger los wil maken van het energienetwerk, de locale overheid staat te springen om je tegen te werken.

En dan het volk, dat maar dolgelukkig blijft hobbelen achter idioten zoals Wilders, die de moordende sneltrein van ecologische armoede blijft wegzetten als ‘klimaathysterie’. Consumeren, consumeren, en nog meer consumeren. En het liefst op een conventionele en destructieve wijze. Dat is namelijk goed voor de economie, die ook al als een opgeklopte pudding in elkaar is gezakt. Wie zwicht er niet tegenwoordig voor lekker een weekendje shoppen in Barca? Wat maakt het uit, dat je truitje door kinderhandjes in China zijn gemaakt? Zo lang jij het maar aan kan en complimentjes krijgt van de omgeving, hoe goed je er uit ziet.

Ja, soms zijn er momenten dat ik als optimist en ‘denker-in-oplossingen’ het ook allemaal niet meer weet en er moedeloos van word. En wat kan je eigenlijk als individu? Als zelfs het sojagebruik leidt tot massale ontbossing? Of als het toch milieuvriendelijker blijkt te zijn een plastic bekertje te gebruiken, in plaats van die aardewerken mok? Gelukkig zijn er dan op deze momenten anderen, die zich over dit probleem hebben gebogen, en kleine initiatieven en overwinningen die inspireren.

“Ik heb er ook eentje,” zeg ik tegen de oude dame, terwijl ik uit mijn tas mijn preventie-tegen-plastic-tasjes-tasje vis, die ik van een vriendinnetje cadeau heb gekregen. Deze groenteboer vroeg het tenminste nog netjes, of ik mee wilde doen aan het uit luiheid ophogen van de afvalberg. Meestal krijg je je aankopen voor je het weet in een plastic zak in je handen geduwd. Ja, je moet vaak snel zijn, wil het preventieve tasje het nog kunnen winnen. De mevrouw schenkt mij een stralende glimlach en loopt met haar trage tempo de winkel uit.

Dodenherdenking bij het homomonument

Dodenherdenking bij het homomonument

Vanavond herdacht ik de gesneuvelden tijdens de Tweede Wereldoorlog bij het Homomonument in Amsterdam. Vroeger ging ik altijd naar de Dam, maar sinds een vriendinnetje mij meevroeg, ga ik altijd naar het Homomonument. De herdenking heeft daar zoveel meer meerwaarde. Niet alleen omdat het monument zelf een kroon is op een strijd voor jarenlange erkenning (het officiële standpunt van de Nederlandse regering was tot diep in de jaren ’80 dat er slechts zes (ofzo) Nederlandse homo’s in WO II waren omgekomen, dus geen apart monument ‘nodig hadden’), maar ook omdat de herinnering altijd actueler is.

Uiteraard wordt stilgestaan bij hen die vielen, maar daarnaast worden AIDS-slachtoffers gememoreerd en hoe verdrietig het ook is, ook stilgestaan bij recente slachtoffers van homo-haat en discriminatie. Elk jaar zijn er weer nieuwe namen. Wanneer houdt dat toch eens op?

Het thema van dit jaar was ‘vrouwen’. Voor de mensen die mij goed kennen, een onderwerp dus naar mijn hart. De sprekers waren dit jaar allemaal vrouw. De speech van Carolien Gehrels, namens de Gemeente Amsterdam, die tevens de openingsspeech was, heeft mij het diepst geraakt. Tot tranen geroerd was ik, toen zij vertelde over het recht om homo te zijn, de acceptatie in Nederland, maar hoe moeilijk en onzeker het kan zijn, omdat niet iedereen dit recht respecteert of accepteert. Het was zo treffend en kwam recht uit haar hart, zonder te dwepen met emoties. Mocht ik mijn hand er op kunnen leggen, dan zal ik het hier integraal publiceren.

Samen met PH, gemeenteraadslid, heb ik namens D66 Amsterdam een krans mogen leggen. Ik vond het een hele grote eer.